Wat is Tracking & Tracing?
Tracking & Tracing (ook Track & Trace) is het vastleggen en opvragen van identificatie-, locatie- en procesgegevens van producten, batches en onderdelen, zodat u op elk moment kunt zien waar iets is (tracking) en achteraf kunt herleiden waar het vandaan komt, wat ermee is gebeurd en waar het naartoe is gegaan (tracing). Het vormt de basis voor traceerbaarheid, kwaliteitscontrole, gerichte recalls, Compliance en transparantie in de supply chain. In de fabriek raakt het direct aan IT/OT-convergentie: de gegevens ontstaan op de productievloer in PLC’s, scanners en MES, en worden gebruikt in ERP, WMS en bij ketenpartners.
Tracking = nu volgen waar iets is Tracing = achteraf terugkijken door de keten
Track & Trace wordt veel toegepast in industrie, logistiek, voeding, farmacie en gezondheidszorg.
🔄 Wat is het verschil tussen tracking en tracing?
De twee begrippen worden vaak samen gebruikt, maar beantwoorden verschillende vragen.
| Aspect | Tracking | Tracing |
|---|---|---|
| Kernvraag | Waar is het product nu en wat is de status? | Waar komt het vandaan en waar is het naartoe gegaan? |
| Tijdsperspectief | Nu: realtime of bijna realtime | Achteraf: reconstructie uit vastgelegde gegevens |
| Richting in de keten (GS1) | Stroomafwaarts: waar is het naartoe gegaan? | Stroomopwaarts: waar komt het vandaan? |
| Voorbeeld | Palletlocatie in het magazijn, zending onderweg | Batchgegevens en grondstofbron bij een klacht |
| Typische gebruikers | Logistiek, dispatch, planning | Kwaliteit, audits, recalls, toezichthouders |
| Typische techniek | RFID, barcodescans, GPS | Batchgenealogie in MES, Historian, ERP-historie |
In normen als de GS1 Global Traceability Standard betekent tracking vooral het volgen van een product stroomafwaarts naar afnemers en tracing het herleiden stroomopwaarts naar leveranciers en grondstoffen. Bij een recall heeft u beide richtingen nodig: eerst terug naar de oorzaak, dan vooruit naar alle getroffen afnemers.
Daarnaast onderscheidt men interne traceerbaarheid (binnen de eigen fabriek: welke grondstofbatches gingen in welk eindproduct) en externe traceerbaarheid (tussen bedrijven in de keten). Beide zijn nodig: een recall die bij de leverancier begint, loopt pas goed als de interne koppeling tussen inkomende en uitgaande batches sluitend is.
🎯 Waarom is Tracking & Tracing belangrijk?
| Doel | Toelichting |
|---|---|
| Kwaliteitsborging | Herleiden van grondstoffen, productiestappen, instellingen en meetwaarden bij een afwijking |
| Recallbeheer | Alleen de getroffen batches of serienummers terughalen in plaats van een hele productieperiode |
| Compliance | Voldoen aan eisen uit GMP, HACCP, ISO 22000, UDI en Europese traceerbaarheidswetgeving |
| Efficiëntie | Snel lokaliseren van verstoringen, vertragingen of fouten in productie en logistiek |
| Fraudebestrijding | Vervalste geneesmiddelen of smokkelwaar herkennen via unieke serienummers |
| Transparantie | Inzicht in herkomst, productielocatie, houdbaarheid en duurzaamheid, ook richting consument |
De recall-winst is vaak het sterkste argument. Wie per uur of per ploeg kan afbakenen welke batches een verdachte grondstof bevatten, haalt een fractie van de productie terug. Zonder koppeling tussen grondstof en eindproduct moet een fabrikant uit voorzorg alles van die periode terugroepen.
🔧 Hoe werkt Tracking & Tracing technisch?
Een traceerbaarheidssysteem bestaat uit drie lagen: identificeren, vastleggen en delen.
1. Identificeren. Elk object krijgt een unieke sleutel. De GS1-standaarden zijn hierin wereldwijd leidend:
- GTIN - het productnummer (8, 12, 13 of 14 cijfers), in barcodes als Application Identifier (01)
- LOT of batchnummer - AI (10), voor alle eenheden die onder dezelfde omstandigheden zijn gemaakt
- Serienummer - AI (21), voor één individueel exemplaar
- SSCC - 18 cijfers, voor een logistieke eenheid zoals een pallet
- Vervaldatum - AI (17), in de vorm JJMMDD
Deze gegevens worden gedragen door een Barcode zoals GS1-128, een 2D-code zoals DataMatrix of QR-code, of een RFID-tag. In de zorg wordt daarnaast HIBC gebruikt.
2. Vastleggen. Bij elke stap wordt een gebeurtenis geregistreerd: wat (welk object), wanneer, waar, waarom (welke bedrijfsstap) en sinds EPCIS 2.0 ook hoe (onder welke omstandigheden, bijvoorbeeld een sensormeting). GS1 EPCIS 2.0, geratificeerd in juni 2022, is de standaard voor het uitwisselen van zulke gebeurtenissen. Het kent vijf eventtypen: ObjectEvent (waarneming), AggregationEvent (inpakken in doos of pallet), TransformationEvent (grondstoffen worden een nieuw product), TransactionEvent (koppeling aan order of factuur) en AssociationEvent (bijvoorbeeld een sensor aan een container). Versie 2.0 voegde ook JSON-LD en een REST-interface toe.
3. Delen. De gebeurtenissen worden opgeslagen in MES, ERP of een aparte EPCIS-repository en gedeeld met klanten, leveranciers of toezichthouders.
🏭 Hoe ziet Tracking & Tracing eruit in OT- en productieomgevingen?
In de fabriek ontstaat de traceerbaarheid in de OT-laag en wordt ze in de IT-laag bewaard. ISA-95 beschrijft de uitwisseling tussen beide werelden, inclusief materiaallots, sublots en materiaalverbruik; ISA-88 geeft de batchstructuur waarin recepturen en fasen worden vastgelegd.
| Component | Rol in Track & Trace |
|---|---|
| PLC | Registreert serienummers, stationsresultaten en bewerkingsparameters per product |
| Scanner of Vision-systeem | Leest codes bij ontvangst, dosering, verpakking en uitlevering; controleert printkwaliteit |
| SCADA | Visualiseert de status en koppelt scans aan productieorders |
| MES | Bouwt de batchgenealogie: welke grondstoffen, recepturen, operators en machines bij welk eindproduct horen |
| Historian | Koppelt procesdata (temperatuur, druk, tijd) aan batch- of serienummer |
| WMS en ERP | Locatie, voorraad, leveringen en de koppeling met klanten en leveranciers |
| Edge device of Unified Namespace | Maakt events uit de OT-laag beschikbaar voor IT-systemen |
Een kritieke regel in de praktijk: de code op het product moet kloppen met het record in de database. Vision-controle na de printer en een uitwerpmechanisme voor onleesbare of dubbele codes horen daarom bij elke serialisatielijn. Twee voorbeelden uit de praktijk. Bij de assemblage van machines koppelt het MES elk serienummer aan de serienummers van ingebouwde onderdelen en aan de geladen softwareversies, zodat een servicetechnicus later precies weet wat er in een machine zit. In ziekenhuizen registreert de centrale sterilisatieafdeling per instrumentenset welke sterilisatiecyclus deze heeft doorlopen en bij welke patiënt de set is gebruikt.
Voor gereguleerde sectoren gelden bovendien eisen aan data-integriteit en elektronische records, zoals 21 CFR Part 11 in de Verenigde Staten.
🧱 Welke Europese regels vragen om traceerbaarheid?
Traceerbaarheid is in veel sectoren wettelijk verplicht. De belangrijkste kaders voor bedrijven in Nederland:
| Sector | Regelgeving | Kern van de eis | Van toepassing |
|---|---|---|---|
| Levensmiddelen en diervoeder | Verordening (EG) 178/2002, artikel 18 | Elke schakel kent zijn directe leverancier en afnemer (één stap terug, één stap vooruit) | 1 januari 2005 |
| Geneesmiddelen | Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/161 (FMD) | Uniek identificatiekenmerk per verpakking in een 2D DataMatrix, verificatie bij afgifte | 9 februari 2019 |
| Medische hulpmiddelen | MDR (EU) 2017/745 | UDI op het label: UDI-DI (productcode) en UDI-PI (batch, serie, datum) | Klasse III en implantaten 2021, klasse IIa/IIb 2023, klasse I 2025 |
| Tabak | Richtlijn 2014/40/EU, artikel 15 | Unieke identificatie per pakje en registratie van alle bewegingen | Sigaretten 2019, overige tabak 20 mei 2024 |
| Batterijen | Verordening (EU) 2023/1542 | Batterijpaspoort voor onder meer EV-, LMT- en industriële batterijen boven 2 kWh | Vanaf 18 februari 2027 |
Bij geneesmiddelen bestaat het identificatiekenmerk uit productcode, een gerandomiseerd serienummer van maximaal 20 tekens, batchnummer, vervaldatum en waar nodig een nationaal vergoedingsnummer. In Nederland beheert de NMVO het nationale verificatiesysteem dat de apotheek raadpleegt bij afgifte. Het digitaal productpaspoort uit de Ecodesignverordening breidt het traceerbaarheidsdenken de komende jaren uit naar meer productgroepen.
🔐 Wat betekent traceerbaarheid voor cybersecurity en NIS2?
Traceerbaarheid speelt ook in cybersecurity een rol, maar dan voor componenten en software in plaats van voor goederen:
- Wie heeft wat wanneer gewijzigd? Een audittrail op PLC-programma’s en recepturen ondersteunt change management en forensisch onderzoek.
- Welke componenten zitten erin? Een overzicht van Assets met serienummers en firmwareversies, onderhouden via Asset Management, laat snel zien welke installaties door een kwetsbaarheid worden geraakt.
- Welke software zit erin? Een SBOM is in feite tracing voor software. De Cyber Resilience Act verplicht fabrikanten van producten met digitale elementen om een SBOM op te stellen en bij te houden in hun technische documentatie.
NIS2 stelt zelf geen eisen aan producttraceerbaarheid, maar verplicht essentiële en belangrijke entiteiten wel om de beveiliging van hun toeleveringsketen te regelen. Inzicht in herkomst en versies van componenten helpt daarbij, zie ook Supply Chain-risico. Omgekeerd is het traceerbaarheidssysteem zelf een kritiek systeem: valt de serialisatie uit, dan kan een farmaceutische fabrikant geen verpakkingen zonder geldig uniek identificatiekenmerk vrijgeven.
🧭 Hoe richt u Tracking & Tracing stapsgewijs in?
- Bepaal de granulariteit. Volstaat traceerbaarheid op batchniveau (voeding, chemie) of is serialisatie per stuk nodig (geneesmiddelen, medische hulpmiddelen, machines)?
- Kies de identificatiesleutels. Gebruik GS1-sleutels waar ketenpartners ze verwachten, en leg intern vast hoe sublots en herbewerking worden genummerd.
- Bepaal de registratiepunten. Ontvangst, dosering of assemblage, verpakking, aggregatie op pallet en uitlevering zijn de minimale momenten.
- Automatiseer de vastlegging. Laat PLC’s, scanners en vision-systemen events direct aan het MES leveren; handmatige invoer is de grootste bron van gaten.
- Koppel IT en OT. Zorg dat ordernummers, batchnummers en serienummers in ERP, MES en WMS dezelfde betekenis hebben.
- Test de keten. Voer periodiek een traceertest uit: kies een grondstofbatch en reconstrueer binnen een vooraf gestelde tijd alle eindproducten en afnemers. Food-safetystandaarden zoals BRCGS en IFS schrijven zo’n test minstens jaarlijks voor.
❓ Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een batchnummer en een serienummer bij Track & Trace?
Een batchnummer identificeert een groep producten die onder dezelfde omstandigheden is gemaakt, een serienummer identificeert één individueel exemplaar. Traceerbaarheid op batchniveau is gebruikelijk in voeding en chemie, serialisatie per stuk is verplicht voor receptgeneesmiddelen en gebruikelijk bij medische hulpmiddelen en machines.
Is Tracking & Tracing wettelijk verplicht?
Voor levensmiddelen en diervoeder is traceerbaarheid sinds 1 januari 2005 verplicht onder artikel 18 van Verordening (EG) 178/2002. Ook geneesmiddelen, medische hulpmiddelen en tabak hebben eigen Europese traceerbaarheidseisen, en batterijen krijgen vanaf 18 februari 2027 een batterijpaspoort.
Welke rol speelt het MES bij Tracking & Tracing?
Het MES bouwt de batchgenealogie op: het legt vast welke grondstofbatches, recepturen, machines en operators bij welk eindproduct horen. Daarmee is het MES in de meeste fabrieken de centrale bron voor interne traceerbaarheid, gevoed door PLC’s, scanners en weegschalen.
Wat is GS1 EPCIS?
GS1 EPCIS is een open standaard voor het vastleggen en delen van traceerbaarheidsgebeurtenissen tussen bedrijven, met de dimensies wat, wanneer, waar, waarom en hoe. Versie 2.0 is in juni 2022 geratificeerd en voegde JSON-LD, een REST-interface en ondersteuning voor sensordata toe.
Is RFID beter dan een barcode voor traceerbaarheid?
RFID kan zonder zichtlijn en in bulk worden uitgelezen, wat handig is voor pallets, retouremballage en gereedschap. Een barcode of DataMatrix is goedkoper per stuk en is voor geneesmiddelen de wettelijk voorgeschreven drager, dus veel bedrijven combineren beide technieken.
Hoe snel moet een bedrijf kunnen traceren bij een recall?
De wet noemt meestal geen vaste termijn, maar eist dat gegevens op verzoek direct aan de toezichthouder kunnen worden geleverd. In de praktijk hanteren bedrijven een interne norm van enkele uren, vaak vier uur zoals veel certificeerders en retailers verwachten, en toetsen ze die minstens jaarlijks met een traceertest.
📌 Samengevat
Tracking & Tracing koppelt elk product, elke batch en elk serienummer aan zijn herkomst, bewerking en bestemming, zodat u realtime kunt volgen en achteraf exact kunt herleiden.
De gegevens ontstaan in de OT-laag bij PLC’s, scanners en het MES, en krijgen hun waarde in ERP, WMS en de keten via GS1-sleutels en EPCIS. Europese regels voor voeding, geneesmiddelen, medische hulpmiddelen, tabak en batterijen maken traceerbaarheid in veel sectoren verplicht. Hetzelfde principe beschermt ook de digitale keten, met assetregistratie en SBOM’s voor software en firmware.
