Wat is een tag?
Een tag is een unieke, leesbare naam voor één data-element in een automatiseringssysteem, zoals een meetwaarde, een status, een stuursignaal of een setpoint, waarmee PLC, SCADA, HMI, MES en Historian naar dezelfde procesvariabele verwijzen. Achter die naam zitten een datatype, een bronadres, een actuele waarde, een tijdstempel en een kwaliteitsstatus. Tags zijn daarmee de gemeenschappelijke taal van de OT-laag: wie een temperatuur wil tonen, loggen, alarmeren of analyseren, doet dat via de tag en niet via een geheugenadres.
🧠 Wat representeert een tag?
Een tag verwijst naar één concrete grootheid in het proces of in de besturing. Voorbeelden:
-
Meetwaarde - de temperatuur van een oven (
Oven1.Temp), afkomstig van een sensor -
Positie of status - de stand van een klep (
Valve_A23.Position) of een foutmelding (Compressor1.Fault) - Stuursignaal - het start/stop-commando naar een motor of actuator
-
Gewenste waarde - een Setpoint voor het toerental (
Pump1.RPM_Setpoint) in een regeling - Berekende waarde - een totaal, gemiddelde of OEE-cijfer dat in de PLC of SCADA wordt afgeleid
Tags worden niet letterlijk continu bijgewerkt, maar met een vaste scan- of poll-tijd (bijvoorbeeld 100 ms, 1 s of 10 s) of alleen bij verandering (report by exception). Voor de operator voelt dat als realtime, maar de verversingssnelheid is een bewuste ontwerpkeuze die netwerk- en serverbelasting bepaalt.
🔧 Uit welke eigenschappen bestaat een tag?
Een tag is meer dan een naam. In vrijwel elk SCADA-, HMI- of historianpakket heeft een tag dezelfde set eigenschappen:
| Eigenschap | Betekenis | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Naam | Unieke, leesbare identifier | Line2.Pump1.Speed |
| Beschrijving | Wat de tag voorstelt, voor mensen | ”Toerental voedingspomp lijn 2” |
| Datatype | Hoe de waarde is opgeslagen | BOOL, INT (16 bit), DINT (32 bit), REAL (32 bit float), STRING |
| Bronadres | Waar de waarde fysiek staat | Modbus-register 40011, DB10.DBD4, OPC UA NodeId |
| Eenheid en bereik | Technische eenheid en schaal | 0–3000 rpm, 4–20 mA naar 0–10 bar |
| Scan rate / deadband | Hoe vaak en bij welke verandering wordt ververst | 1 s, ±0,5 % |
| Kwaliteit | Betrouwbaarheid van de waarde | Good, Uncertain, Bad |
| Tijdstempel | Moment van meting of ontvangst | 2026-10-13T08:15:02.120Z |
| Alarmgrenzen | Waar een alarm ontstaat | HH 95 °C, H 85 °C, L 10 °C |
| Historisering | Wordt de tag opgeslagen en hoe | Ja, swinging door, CompDev 2 % |
Vooral de kwaliteitsstatus wordt vaak onderschat. Valt de verbinding met een PLC weg, dan blijft de laatste waarde staan maar wordt de kwaliteit Bad. Een rapportage of AI-model dat de kwaliteit negeert, rekent dan met bevroren data.
📚 Welke soorten tags zijn er?
Tags worden ingedeeld naar herkomst en functie:
| Type | Beschrijving | Voorbeeld |
|---|---|---|
| I/O-tag (input) | Waarde van een fysieke ingang | Temperatuursensor via 4-20 mA |
| I/O-tag (output) | Stuursignaal naar een fysieke uitgang | Motor aan/uit, klepstand 0–100 % |
| Geheugentag (intern) | Bestaat alleen in de PLC of SCADA, zonder fysieke I/O | Teller, stapnummer, hulpbit |
| Setpoint-tag | Gewenste waarde, vaak door de operator te wijzigen | Streeftemperatuur 72 °C |
| Alarmtag | Signaleert overschrijding van een grenswaarde | Tank3.Level_HH |
| Berekende tag | Afgeleid uit andere tags via een formule of script | Debiet × tijd = totaal |
| Structuurtag (UDT) | Samengestelde tag met vaste leden | Motor_M101 met .Run, .Fault, .Current |
“Historiantag” is strikt genomen geen apart type, maar een eigenschap: elke tag kan worden gehistoriseerd in een historian zoals PI System. In PI heet een tag overigens een PI Point; de begrippen zijn uitwisselbaar.
🔄 Wat is het verschil tussen een tag en een adres?
Veel industriële protocollen kennen geen namen, alleen adressen. De tag is dan een vertaallaag die in de engineeringsoftware of de SCADA-server wordt vastgelegd:
| Protocol of platform | Hoe data wordt aangeduid | Rol van de tag |
|---|---|---|
| Modbus (1979) | Numerieke tabellen: coils, discrete inputs, input registers en holding registers van 16 bit | SCADA koppelt een naam aan een registeradres, bijvoorbeeld 40011 |
| ProfiNET IO | Cyclische I/O-data per slot en subslot | Namen bestaan alleen in de engineering, zoals TIA Portal |
| Siemens S7 | Absoluut (%MW20, DB10.DBD4) of symbolisch |
Symbolische PLC-tags in de tagtabel |
| Rockwell Logix | Tag-gebaseerd geheugen | De tag ís het adres, met controller- of programmascope in Studio 5000 |
| OPC UA | NodeId in een namespace | De naam is onderdeel van het informatiemodel |
| MQTT Sparkplug B | Metrics binnen een topic per edge node | De metricnaam is de tag |
Bij OPC UA heeft elk knooppunt een
NodeId met de vorm ns=<namespace-index>;<type>=<waarde>. Het type
is i (numeriek), s (tekst), g (GUID) of b (bytes). Een
tekstuele NodeId ziet er zo uit:
ns=2;s=Factory.Line2.Pump1.Speed
Bij Sparkplug B zit de structuur in het topic, spBv1.0/<group_id>/<message_type>/<edge_node_id>, bij een aangesloten apparaat aangevuld
met /<device_id>, en de tags reizen als metrics in de payload mee, eerst volledig
in een BIRTH-bericht en daarna als wijzigingen in DATA-berichten. Een OPC-server zoals Kepware vertaalt adressen van tientallen protocollen naar één consistente tagstructuur.
🏭 Waar worden tags gebruikt?
- PLC - intern voor logica en regeling, gedeclareerd als variabelen volgens IEC 61131-3
- HMI - voor bediening en visualisatie op de machine
- SCADA - voor overzicht, logging, alarmering en bediening op afstand; pakketten als WinCC en Ignition draaien volledig op tags
- Historian - voor langetermijnopslag en trending
- MES - voor productieregistratie, kwaliteit en traceerbaarheid
- Unified Namespace - als centrale, hiërarchische plek waar alle tags van een organisatie publiceren
De schaal loopt sterk uiteen: een losse machine heeft enkele honderden tags, een fabriek al snel tienduizenden en grote DCS- of SCADA-installaties in energie en procesindustrie honderdduizenden of meer. Dat aantal heeft directe gevolgen voor de kosten. WinCC Runtime wordt gelicenseerd in pakketten PowerTags, waarbij alleen tags met een koppeling naar een besturing meetellen en interne tags niet. Ignition daarentegen wordt per server gelicenseerd met een onbeperkt aantal tags.
🏷️ Hoe stelt u een goede tagnaamconventie op?
Een consistente naamgeving bepaalt of tags over tien jaar nog te begrijpen zijn, en of IT-toepassingen ze zonder handwerk kunnen gebruiken. Een praktische aanpak:
-
Sluit aan bij bestaande documentatie - in de procesindustrie staan instrumenten al op
het P&ID met een tagnummer volgens ANSI/ISA-5.1 (meest recent herzien in 2024).
FIC-101betekent: flow (F), indicating (I), controller (C), lus 101. Neem dat nummer over in de SCADA-tag. -
Volg een fysieke hiërarchie - bouw de naam op volgens het ISA-95-equipmentmodel: site, area, lijn, cel, apparaat. Bijvoorbeeld
Delft/Brouwerij/Lijn2/Vuller/Pomp1/Toerental. -
Gebruik vaste afkortingen - leg een lijst vast (
Temp,Pres,Lvl,Spd,SP,PV,Out) en wijk er niet van af. - Gebruik structuren - definieer een UDT of faceplate per apparaattype (motor, klep, PID-regelaar), zodat iedere motor dezelfde leden heeft.
-
Vermijd betekenisloze adressen -
N7:12ofMW240zegt over vijf jaar niemand iets. - Leg eenheden en bereik vast - in de tag-eigenschappen, niet in de naam.
- Beheer centraal - houd een tagdatabase of exportlijst bij onder wijzigingsbeheer, zodat PLC, SCADA en historian synchroon blijven.
Elektriciteitscentrales gebruiken vaak een eigen codering zoals KKS, terwijl moderne architecturen de naam steeds vaker koppelen aan een digitaal informatiemodel, bijvoorbeeld een Asset Administration Shell. In een Industrial DataOps-aanpak wordt de ruwe tag verrijkt met context, zoals eenheid, apparaat en order, voordat hij naar IT-systemen gaat.
🔐 Waarom zijn tags belangrijk voor security en data-integriteit?
Wie een tag kan schrijven, kan het proces beïnvloeden. Een gewijzigd setpoint of een geforceerde uitgang heeft fysieke gevolgen. Daarom:
- Beperk schrijfrechten - de meeste tags hoeven extern alleen gelezen te worden; maak schrijven expliciet en rolgebonden
- Let op protocollen zonder authenticatie - Modbus controleert niet wie een holding register beschrijft; segmentatie volgens IEC 62443 is dan de belangrijkste verdediging
- Leg wijzigingen vast - log wie welke setpoint-tag wanneer aanpaste, onder meer voor data-integriteit in gereguleerde sectoren zoals farma
- Bewaak kwaliteit en tijd - onjuiste tijdstempels of Bad-kwaliteit maken alarmmanagement volgens ISA-18.2 en elke analyse onbetrouwbaar
- Publiceer selectief - stel niet alle tags beschikbaar in een broker of cloud, maar alleen de set die een toepassing nodig heeft
❓ Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een tag en een variabele?
Een variabele is het algemene programmeerbegrip voor een benoemde geheugenplaats in een PLC-programma. Een tag is diezelfde waarde gezien vanuit het hele automatiseringssysteem, inclusief eigenschappen als kwaliteit, tijdstempel, eenheid en alarmgrenzen. In Rockwell Logix-besturingen worden de twee begrippen vrijwel gelijk gebruikt.
Wat betekent een tagnummer als FIC-101?
Een tagnummer als FIC-101 volgt de ANSI/ISA-5.1-codering voor instrumenten op een P&ID. De eerste letter is de gemeten grootheid (F voor flow), de volgende letters de functies (I voor indicatie, C voor regeling) en het getal is het lusnummer. Zo is TT-205 een temperatuurtransmitter in lus 205.
Hoeveel tags heeft een SCADA-systeem?
Het aantal tags in een SCADA-systeem varieert van enkele honderden bij een kleine installatie tot honderdduizenden bij een groot energie- of procesbedrijf. Het aantal tags bepaalt mede de serverbelasting, de netwerkbelasting en bij veel pakketten ook de licentiekosten. Ruim daarom vooraf capaciteit in voor uitbreidingen.
Wat is een UDT in een PLC?
Een UDT (user-defined data type) is een zelfgedefinieerde structuur die meerdere tags bundelt, bijvoorbeeld alle signalen van één motor. Elke motor krijgt dan dezelfde leden, zoals run, fout en stroom, wat programmeren, visualiseren en onderhoud sterk vereenvoudigt. Moderne SCADA-pakketten kunnen zulke structuren als template overnemen.
Is een tag hetzelfde als een RFID-tag of een LOTO-tag?
Nee, een tag in automatisering is een digitale naam voor een procesvariabele. Een RFID-tag is een fysiek label met een chip voor identificatie, en bij lock-out tag-out is de tag een waarschuwingslabel dat aangeeft dat een installatie veilig is afgeschakeld. De woorden zijn gelijk, de betekenis is totaal anders.
Kan ik tags rechtstreeks naar de cloud sturen?
Tags kunnen naar de cloud worden gestuurd, maar bij voorkeur niet rechtstreeks vanuit de besturing. Gebruikelijk is een edge-gateway of OPC-server die geselecteerde tags via MQTT of OPC UA naar buiten publiceert, met alleen uitgaande verbindingen. Zo blijft de besturing afgeschermd en houdt u controle over welke data het netwerk verlaat.
📌 Samengevat
Een tag is de unieke naam waarmee een meet-, stuur- of statuswaarde door het hele automatiseringssysteem wordt herkend, van PLC en HMI tot SCADA, historian en MES. Achter die naam zitten datatype, adres, kwaliteit en tijdstempel. Een doordachte naamconventie, beheerde schrijfrechten en aandacht voor datakwaliteit maken tags de betrouwbare ruggengraat van dataverzameling, besturing en IT/OT-integratie.
